Pelgrims in Utrecht: op weg naar Santiago

In de Jacobsgasthuissteeg staat een kleine pelgrim. Hij loopt op blote voeten, draagt zijn bagage op zijn rug en lijkt met flinke passen onderweg. Veel mensen lopen hem voorbij zonder te weten waarom hij juist hier staat.

Wanneer een route door dit deel van de binnenstad voert, wijs ik hem graag aan. Achter het beeld ligt namelijk het terrein waar reizigers in de middeleeuwen konden eten, slapen en bijkomen. De naam van de steeg vertelt eigenlijk al waar we zijn: bij het voormalige Sint-Jacobsgasthuis.

Op weg naar Santiago

Santiago de Compostela groeide in de middeleeuwen uit tot een van de belangrijkste christelijke bedevaartplaatsen van Europa. Volgens de overlevering lag daar het graf van de apostel Jacobus de Meerdere.

Mensen vertrokken om verschillende redenen. Sommigen wilden boete doen of een gelofte nakomen, anderen hoopten op genezing of gingen uit persoonlijke geloofsovertuiging. De reis kon maanden duren. Pelgrims waren onderweg afhankelijk van wegen, gasthuizen en de hulp van mensen die zij niet kenden.

De schelp als herkenningsteken

De Jacobsschelp werd het bekende symbool van de reis naar Santiago. Pelgrims droegen de schelp op hun hoed, mantel of tas. Wie terugkeerde, kon ermee laten zien dat de lange tocht werkelijk was volbracht.

Ook tegenwoordig kom je de gestileerde schelp tegen langs wandel- en fietsroutes naar Santiago. Het is een klein teken met een groot bereik: vanaf allerlei plaatsen in Europa wijzen de lijnen uiteindelijk dezelfde kant op.

Een gasthuis tussen Oudegracht en Springweg

De eerste vermeldingen van het Utrechtse Sint-Jacobsgasthuis en de bijbehorende broederschap dateren uit het laatste kwart van de veertiende eeuw. Het gasthuis lag aan de Oudegracht, op de plaats van het huidige nummer 213, en liep door tot aan de Springweg.

Het complex had een eetzaal, een kapel en een gemeenschappelijke slaapruimte, de beyert. Doortrekkende pelgrims en andere arme reizigers konden hier overnachten. Bij het gasthuis hoorden ook woningen. De huuropbrengsten hielpen om de opvang te betalen. Dat verband zie je vaker in Utrecht: bezit en verhuur maakten liefdadigheid voor langere tijd mogelijk.

De Jacobikerk en haar broederschap

In het middeleeuwse Utrecht bestonden twee gezelschappen die met Sint-Jacobus waren verbonden. De broederschap van het gasthuis zorgde voor de opvang van reizigers. Bij de Jacobikerk bestond daarnaast een eigen Jacobsbroederschap.

Leden van die broederschap moesten de reis naar Santiago al hebben gemaakt of beloven dat binnen een jaar te doen. Zij kwamen samen voor missen, maaltijden en de herdenking van overleden leden. Ook na thuiskomst bleef de pelgrimage dus deel uitmaken van hun leven.

Straatje met gele gevel en de Domkerk op de achtergrond

Utrechters die echt op weg gingen

Uit oude bronnen kennen we inwoners van Utrecht die naar Santiago vertrokken. Niet iedereen keerde levend terug. Ziekte, slecht weer, ongelukken en geweld maakten de reis riskant.

In de gravenboeken van de Jacobikerk worden reizigers naar Compostela genoemd. Ook is een deel van een vijftiende-eeuwse grafsteen gevonden met een pelgrimsstaf en een Jacobsschelp. Daarmee wordt het verhaal heel concreet: het ging om Utrechters die hun stad verlieten, maanden onderweg waren en daarna weer naar huis kwamen.

Het gasthuis verdwijnt

Na de Reformatie nam het aantal katholieke bedevaarten sterk af. Het stadsbestuur hief de gasthuisbroederschap in 1586 op. Het complex werd later verkocht, verbouwd en voor andere functies gebruikt.

Boven de toegang aan de Oudegracht herinnert een gevelsteen aan het gasthuis. De gebouwen zijn veranderd, maar de doorgang naar de Springweg en de naam Jacobsgasthuissteeg houden de geschiedenis op haar plaats.

Een pelgrim op de plaats van een perenboom

Het beeld in de steeg is veel jonger dan het gasthuis. Op de binnenplaats stond vroeger een perenboom. Toen die stierf, wilde een buurtcommissie de lege plek gebruiken voor een kunstwerk dat naar het verleden verwees.

De keuze viel op de pelgrim van de Utrechtse beeldhouwer Amiran Djanashvili. Het beeld werd in 2002 geplaatst. Ik vind dat bijna net zo aardig als het middeleeuwse verhaal: een verdwenen perenboom zorgde ervoor dat voorbijgangers opnieuw naar de geschiedenis van deze plek kijken.

Pelgrims zijn niet verdwenen

Ook nu vertrekken mensen naar Santiago. Niet altijd om dezelfde reden als in de middeleeuwen. Sommigen zoeken rust of afstand, anderen verwerken een ingrijpende gebeurtenis of willen zichzelf op de proef stellen.

Wanneer een route door dit deel van de stad loopt, kan de Jacobsgasthuissteeg aan bod komen tijdens Hofjes, stegen en kameren. Het verhaal van Jacobus, de broederschappen en de Jacobikerk past ook bij Kerken en heiligen.

Lees ook